De geniale gekte van Glenn Gould
Het leven van de Canadese pianist Glenn Gould is met mythes omgeven. De geniale Bachvertolker is geliefd, gevat en grappig, maar is door zijn excentrieke persoonlijkheid niet makkelijk voor zichzelf en zijn omgeving. Deze documentaire geeft via uniek privé-archief, vrienden en oud-geliefden een intieme inkijk in zijn leven en onderzoekt de mythes rond zijn genie en zijn gekte.
TV-tip:
Morgenavond (Vrijdag 25 Juni 2010)
in: Het uur van de Wolf (NPS)
23:28 – 00:20 uur
Bron: https://www.nps.nl/page/programma/238/het-uur-van-de-wolf
Zie hier alvast de promo van de uitzending:
Glenn Gould vermeed elke vorm van aanraking. Hij gaf dus geen hand als groet. Natuurlijk was hij als pianist bezorgd om zijn handen: hij wilde ze natuurlijk niet blesseren maar hij was ook vrij paranoïde als het ging om zijn gezondheid of om het oplopen van allerlei infecties van vreemden. Waarschijnlijk hield hij er ook niet zo van aangeraakt te worden. Het was een complexe man. Ook staat hij er om bekend dat hij ‘meezong’ terwijl hij piano speelde (hier een site die daar de draak mee steekt: https://www.unpronounceable.com/gould/ ).
Op veel platen van hem kun je zijn gezang horen, bijvoorbeeld op zijn ongeëvenaarde uitvoeringen van de Goldberg Variaties van Bach (de CD van een in zijn jonge jaren uitgevoerde versie en een van de op latere leeftijd nogmaals opgenomen variaties waarop het gezang af en toe duidelijk hoorbaar is). Gould is overigens niet het enige pianogenie dat meezingt. Ook de zeer door mij bewonderde Keith Jarrett maakt allerlei rare geluiden terwijl hij speelt (echt zingen kan je het eigenlijk niet noemen). Veel luisterplezier!





He says, “I ask you a question, and if you don’t know the answer, you pay me five dollars, and vice versa.”



In organisaties wordt beleid ontwikkeld. Over beleidsontwikkeling zijn boekenkasten volgeschreven. Opmerkelijk is dat over beleidsbeëindiging nauwelijks boeken geschreven zijn. Kennelijk ligt het van Niets íets maken meer voor de hand dan vice versa. Niet alleen in organisaties is dat zo, ook individuen lijken het te prefereren. Denk aan het verschil tussen starten met iets, bijvoorbeeld roken, in vergelijking tot het weer stoppen met iets of terugkeren naar Niets. Om met Herman van Gunsteren te spreken: “Stoppen; U kunt het, u wilt het, u doet het niet”. Hoewel Niets (niet-doen, niet-handelen) wellicht het allergemakkelijkste of zelfs een oertoestand lijkt voor ons mensen (wat is er gemakkelijker dan Niets doen?) lijken we er alles aan te doen om daaraan te ontsnappen, zeker in organisaties.
Als we aan Niets denken, vrezen we al snel
stilte ervaren zij haast als oorverdovend. In organisaties lijkt Niets kost wat kost vermeden te moeten worden: stilstand is achteruitgang, meent men daar. Aart Goedhart en Barbara van der Steen beschrijven de paradox dat veel overprikkelde mensen, ‘rust en stilstaan’ als remmend en gevaarlijk ervaren. Hetzelfde geldt, volgens hen, voor organisaties. Door Jos Kessels en anderen wordt stilstaan in verband gebracht met bezinning ‘los van resultaten en organisatiedoelen’. Zij beschrijven ‘stilstaan’ als start voor mentale vrijheid. Niets is zo heerlijk.



Wat Brothers zo verbijsterend straf maakt, is dat zelfs de conventionelere blues van ‘Ten Cent Pistol’ niet in de weg staat van hun Grote Stap Voorwaarts. Zonder schaamrood op de wangen mag dit vernuftige werkstukje zich posteren naast Attack & Release of Rubber Factory.