“Diezelfde avond kregen alle deelnemers enveloppen met een gemarkeerde route, een gedetailleerde omschrijving van de dromen die ze zouden moeten hebben op specifieke punten en met individuele taken. Onmiddellijk werd het duidelijk dat de waarschuwingen van de gezant van de Grootmeester geenszins holle frasen waren. Zonder die waarschuwingen zouden de taken tot verbazing bij iedereen hebben geleid. Ik zal er maar een stuk of wat citeren: Eén fietser diende bijvoorbeeld tien gram hasjiesj in een bepaalde straat, van een bepaalde man in Istanboel te kopen en deze vervolgens gedurende de maand september op te roken in kamer 213 van het ‘Hotel Paris’; Anderzijds werd een ander opgedragen om een oud huis in Smyrna te kopen, te renoveren, te meubileren en vervolgens aan een derde fietser op te leveren die op 15 augustus in Smyrna zou arriveren om datzelfde huis in brand te steken in de nacht van de 16e op de 17e; Eéntje zou zelfs een fourniturenwinkel in Athene moeten openen en een ander diende chef-kok te worden in de residentie van de Britse ambassadeur in Ankara.”
Passage uit: Svetislav Basara, The Cyclist Conspiracy, OpenLetter, March 20, 2012 [978-1-934824-58-0]
- Vertaald uit het Engels door J. Stevens, Fernweh Magazine.
- Orginele titel (Servisch:) Fama o biciklistima (‘Gerucht over fietsers’) .
- Jaartal coverfoto: 1898. Bron foto: onbekend.
♥ Fernweh Magazine belicht regelmatig voortreffelijke maar helaas onbekende / obscure boeken.



[…] ik vulde een aanmeldingsformulier in, en begaf mij hierop in onderhandeling over mijn kamer, iets wat een normaal mens niet kent, waarvan de gruwelen een naïeveling ten enen male onbekend zijn en waarvan de duistere volledigheid slechts geopenbaard is aan een in een vreemd logement verzeild geraakte aan eenzaamheid en absolute stilte verslaafde, aan slapeloosheid lijdende kluizenaar en letterkundige.





Erik Jan (zonder streepje!) Harmens – tevens schrijver van het boek – spreekt tegen een muur over zijn leven. Over hoop en dromen, over angst, falen, jeugdherinneringen, vriendschappen en liefdes. Amoureuze veroveringen, schaamtevolle momenten, hunkeringen en levenstrofeetjes in vroege jeugd en later leven passeren de revue. En drank. Heel veel drank. Een alcoholist die tot de bodem van zijn glaasje (zijn drankverslaving) gaat en ook dieptepunten (de figuurlijke bodem) in zijn leven tegenkomt, (soms) weer opkrabbelt en daarover nietsverhullend schrijft. Hij spreekt weliswaar tegen een muur. Dat weet je. Maar evengoed wordt de muur soms tientallen pagina’s lang niet genoemd. Je vergeet dat hij tegen de muur spreekt. Het lijkt of hij tegen jou spreekt, je zijn leven meebeleefd en dan, net als hij, zelf een beetje dronken bent. Soms lijkt het zelfs alsof je Erik Jan bent en soms ben je voor je gevoel de muur die als een soort stilzwijgende psychoanalyticus de patiënt aanhoort.




