‘Op een berg kan een wielrenner in een ritme komen waarbij hij opgaat in zijn gedachten. Hij kan zijn adem zijn tempo laten bepalen met een gelijkmatige intensiteit, en rust vinden in de inspanning.’
Zo verwoordt Michael Barry, ex beroepswielrenner, in het dit jaar verschenen boek COLS, de mooiste beklimmingen in Europa, zijn liefde voor de bergen. Het prachtig vormgegeven boek omvat tientallen foto’s van bergen in Europa. De foto’s zijn van fotograaf en ex profrenner Michael Blann en gemaakt vanuit het perspectief van de wielrenner. En dat zie je niet alleen, dat voel je, als wielertoerist met een voorliefde voor het hooggebergte, ook.
Bij foto’s van cols als de Galibier, Mont Ventoux, Gavia en Stelvio beleef ik opnieuw de spanning voorafgaande aan de klim, voel ik de pijn van de stijgingspercentages en de voldoening van het bereiken van de top. De in het boek opgenomen persoonlijke getuigenissen van oud wielrenners als Ivan Basso, Maurizio Fondriest, Andy Hampsten, Sean Kelly en Stephen Roche, versterken de beleving en maken het gevoel van ‘wannabe-klimgeit’ alleen maar groter.
Naast een feest van herkenning maakt het boek ook ‘lekker’. Ik verheug mij op de Grossglockner, de Passo Pordoi en de Passo Giau. Om, zoals Michael Barry schrijft, op te gaan in mijn gedachten en rust te vinden. Want, zo stelt hij verder:
In het fietsen kan niets tippen aan klimmen.”
COLS is uitgegeven door Uitgeverij THOTH.

Plekken voor de wielrenner die hier nu zelf wil klimmen
Wie dit leest en zelf de benen voelt jeuken, kan hier beginnen. Sommige verwijzingen bevatten affiliate-links.
- Een verblijf rond Bédoin, Malaucène of Sault, aan de voet van de Mont Ventoux.
- Een appartement of vakantiehuis bij Bormio, voor wie de Stelvio of Gavia wil rijden.
- Een plek in Valloire of Briançon, dicht bij de wegen naar de Galibier.
- Een verblijf rond Canazei, Arabba of Cortina d’Ampezzo, tussen de passen van de Dolomieten.
- Een huis of appartement met uitzicht op de bergen bij Heiligenblut am Grossglockner, voor wie de Grossglockner wil zien vanuit het hotel én wil beklimmen.
Paradijsjes (en eerlijk is eerlijk: de hel) voor elke wielrenner…!
___
Fernweh Magazine | Ontsnap. Steeds vaker. En verder…!
Oorspr. publicatiedatum: Okt. 21, 2016






Natuurlijk dien je als serieuze americanaliefhebber naar Empire (Cornelius Chapel Records) van Brad Armstrong te luisteren. Zeker als je ook van Matt Woods, Patterson Hood, Adam Faucett of Josh Nolan houdt. Rauwe, eerlijke, melodieuze gitaargeorienteerde singersongwriterrock dus. Maar dan wel rauw zonder dat het punky wordt. Armstrong is ook te vinden in de line-up van The Dexateens; Empire is echter het eerste album dat hij als soloartiest uitbrengt. Hij kreeg daarbij hulp van onder meer Maria Taylor die in de achtergrond zingt. Op het schitterde Deep Water zingt Taylor (zelf een begenadigd singer-songwriter, maar ook actief in Azure Ray) zelfs de lead vocals. Het gaat nooit goed met de bezongen levens op Empire. In het openings- (en titel)nummer gaat het al over de moeilijkheden om de endjes aan elkaar te knopen. The gas bill’s comin and that fuckin rent/Them liquor bottles are all mostly spent. Het daaropvolgende No Vain Apology gaat het over vrienden die geen vrienden meer zijn en een vrouw die hem verlaat met een geweer in haar handen. Het waarlijk schitterende nummer kent een zogenaamd verlosmomentje wanneer de na 30 seconden ingevallen drumcomputer 20 seconden later wordt vervangen door echte drums. Het wordt allemaal nog erger in Cherokee Nose Job, waarin de oude traditie van het opensnijden van het gezicht van je ontrouwe vrouw wordt beschreven. Nee, het is allemaal verre van okee wat Armstrong aansnijdt. Maar de wijze waarop hij dat doet is dan weer juist zeer okee. Emotionaal geladen nummers, snijdende solo’s en een scherp oog voor detail. Empire is een indrukwekkende plaat.













Denk bij de muziek van Tamikrest aan de hypnotiserende woestijnbluestraditie van bijvoorbeeld Tinariwen en Toumast. Dit keer wordt dit wel aangevuld met andere muzieksoorten zoals, verrassend, flamenco. Dit is hun vierde album.
De band bestaat al sinds 1993 maar helaas is de band uit Texas nauwelijks bekend bij het grote publiek. Hot Thoughts is het negende studioalbum van de Amerikanen. Een hoogtepuntje in een lange reeks. Zanger en gitarist Britt Daniel naaide het genie weer in deze onmiskenbare Spoon-plaat die, misschien vanwege wat wijzigingen in de personele bezetting van de band, dit keer toch ook anders is: ritmisch, vol soul, diep en relaxt is. Fijne plaat!
Valerie June bracht eerder drie albums uit in eigen beheer. Haar doorbrak kwam toen Dan Auerbach (The Black Keys) het album Pushin’ Against a Stone co-produceerde in 2013. Nu is ze gelukkig weer terug na vier jaar afwezigheid. Wie is Valerie June? Een singer/songwriter uit Tennessee met opvallende haardos. Ze speelt blues, gospel en folk in een mix die ze zelf ‘organic moonshine roots music’ noemt: dromerige liedjes met virtuoze gitaar-, banjo en ukulelepartijen, vergezeld van haar markante stemgeluid. Ze is op 30 april live te zien in BIRD, Rotterdam.
Als je Fink nóg niet kent dan moeten we ons misschien afvragen of je wel echt van muziek houdt. Maar oké dan. Fin Greenall, beter bekend als Fink, is een in Bristol geboren Brit die op 23-jarige leeftijd een techno-album uitbracht. Hij begon zijn carrière als (dance)producer, maar werd vooral bekend in een totaal ander genre… namelijk als soulvolle singer-songwriter (ofwel: man met gitaar) en heeft inmiddels zeven prachtige albums gemaakt. Op 27 april 2017 speelt Fink in Rotown, Rotterdam.
Waar ken je Stef Kamil Carlens ook alweer van? Van Deus, Zita Swoon en van zijn prachtige stemgeluid natuurlijk. We horen een album met wat vleugjes country, samenzang en gitaarsolo’s die op de acht tracks hele verschillende sferen weten op te roepen. 20 april 2017 treedt hij op in De Singer in Rijkevorsel.
Waar ken je Lucas Hamming ook alweer van? Waarschijnlijk van De Wereld Draait Door (DWDD) waar hij de huisband voor vormde of misschien uit het clubcircuit waar hij behoorlijk actief was. Dit is zijn tweede album, na zijn geweldige debuut. Denk rock & blues. Muzikanten die seks, drugs en rock ’n roll aantrekkelijk vinden maar daar ook de risico’s van onderkennen en daar op dit album ook taal aan geven. Energieke plaat.
Het is alweer zes jaar geleiden dat de Nederlandse punkrockband Heideroosjes met Tot Hier stopten. Het bloed van frontman Marco Roelofs kruipt waar het niet gaan kan. Ziedaar zijn initiatief: Stavast, een Nederlandstalige rockband. Rock wel te verstaan. Rustiger dan punk dus. Melodieën, gitaarsolo’s, koortjes en meer rust. Marco’s maatschappelijk engagement bleef even wel. Luister naar het actuele thema op Open Zee over een vader en zoon die naar Europa vluchten. We zijn gelukkig deze lekkere Nederlandstalige gitaarband rijker.
Dan nu de uitsmijter van deze muziektiplijst. Wie had gedacht dat Jarvis Cocker (zanger van Pulp) en pianist Chilly Gonzales zouden gaan samenwerken? Cocker is vrij bekend en voor degenen die hem nog niet kennen is Gonzales (check zijn andere platen! Aanrader!) een uit Canada afkomstige maar in Duitsland woonachtige pianist, producer en songwriter die ook een aantal elektronische albums maakte. Geinspireerd door de vele beroemde artiesten, fotografen, schrijvers en vooral mensen uit de filmwereld die tijdelijk in kamer 29 van het beroemde en historische Chateau Marmont hotel, gelegen op Sunset Boulevard, West Hollywood woonden. In het bijzonder de verhalen van filmhistoricus David Thompson vormden de directe inspiratie. De hotel- en muzieksfeer is haast magisch of spookachtig. We horen minimale begeleiding door Gonzales op piano, lijnen van fluitist Nathalie Hauptman, begeleiding door Franse hoornspeler Hasko Kroeger en zang van zangeres Maud Techa.
In Noord-Mali duurt de oorlog tussen regeringsleger en de Toeareg-opstandelingen voort. Daardoor kan de Malinees-Berberse band Tinariwen dat in het Tamasheq, de taal van de Toeareg, ‘Woestijnen’ betekent (De naam is een afkorting van de oorspronkelijke naam Taghreft Tinariwen: ontwikkeling van de woestijnen), net als de vorige keer, niet in eigen land opgenomen worden. De nieuwe plaat Elwan werd opgenomen in het in muzikaal opzicht al zeker van U2 beroemd geworden Joshua Tree, Californië. Maar men nam ook dichter bij huis op in M’Hamid El Ghizlane in Zuid-Marokko in een bedoeïenentent.
Nederlandse live-act en DJ-duo Artefakt brengt hun atmosferische debuutalbum uit op het roemruchte Nederlandse label Delsin. Achter Artefakt gaan Robin Koek en Nick Lapien schuil. Het duo kwam eerder met tracks op Field Records en vervolgens Prologue, Delsin en Konstrukt. Nick heeft eerder solowerk gemaakt onder de naam Lapien via Fred P’s Soul People Music, Finale Sessions, Rekids en DVS1’s Mistress Recordings, en Koek’s intrigerende sound design was eerder te horen in Toronto, Viseu, New York, Ohio, Berlin en natuurlijk Amsterdam.
Voor een band die garage met psychedelica en surf mixt is er altijd tijd. Het Rotterdams Iguana Death Cult is een nieuwe Nederlandse band, die je terug in de tijd voert. Maar met de energie van punk en ook helemaal van nu. Ze worden vergeleken met Ty Segall en Thee Oh Sees, Amerikaanse bands die een vergelijkbare soort van muziek maken. Toch is dit enthousiasme aanstekelijk, op de hoogste versnelling worden de pakkende nummers erdoorheen gejaagd. In Amerika houden ze ook erg van dit rauwe geweld en terecht. Goed tegen alledaagse sleur en frustraties. De vier leden hebben al wat goed bekeken optredens achter de rug, maar nu is er het rauwe, energieke debuut en dit zou bij optredens spannend kunnen gaan worden, als ze de hier getoonde rauwe energie ook op het podium kunnen laten zien. Fraai analoog door Chris van Velde intens en spontaan opgenomen album, voor liefhebbers. [Recensie: E. Mundt]
Dan is het nu toch echt even tijd om je muzikale grenzen wat op te rekken voor zover dat overigens met bovenstaande platen niet al gebeurd is. Black String is een hedendaagse Zuid-Koreaanse (!) band die weliswaar traditionele instrumenten gebruikt maar op een volstrekt nieuwe manier. De band debuteert met dit album op het prestigieuze Duitse Jazzlabel ACT. Voor zover dat je belangstelling nog niet wekt, zal het heilige vuur van de improvisatie dat bij de bandleden hevig brand, dat zeker wél doen. Even over de naam van de groep: dit betreft een letterlijke vertaling van ‘Geomungo‘. Waarschijnlijk zegt je dat nog niets, maar het betreft hier de Koreaanse sitar, jawel, die meesterlijk bespeeld wordt door bandleidster Yoon Jeong Heo. Het kwartet bestaat verder uit de daegeum (Koreaanse fluit), electrische gitaar en janggu (Koreaanse drum). In opwindende dialogen en solo’s zijn de bandleden afwisselend in solo’s en samenspel te horen. Zet je masker op en doe je dans. [Recensie: J. Stevens | Fernweh Magazine]

