We zijn even op vakantie. Daarom hebben we in week 33 en 34 geen recensies van de afzonderlijke releases voor je geschreven. Dat zal je deze week in je luie hangmat zelf moeten doen: de muziek recenseren in deze uitgebreide albumtiplijst. Een heerlijke vakantiebezigheid om naar deze nieuwe releases te luisteren, lijkt ons. Ook wij liggen in onze hangmat en genieten. Dus zet je Spotify aan en gaaaan! Geschikt voor alle weertypen..!
Albumtips week Nr. 33 & 34 | 2016
- Ryley Walker – Golden Sings That Have Been Sung (Deep Cuts Edition)
- Lisa Hannigan – At Swim
- Benjamin Francis Leftwich – After The Rain
- Ed Harcourt – Furnaces
- Let’s Eat Grandma – I, Gemini
- Thom Sonny Green – High Anxiety
- John Paul White – Beulah
- Blood Orange – Freetown Sound
- V. A. – Soul Jazz Records Presents: Studio One Dub Fire Special
- The Earls of Leicester – Rattle & Roar
LUISTERTIP:
Let’s Eat Grandma – I, Gemini
Jenny Hollingworth en Rosa Walton uit Norwich, nagenoeg identiek ogende Britse pubermeisjes die doen denken aan de tweeling uit ‘The Shining’, dragen een groepsnaam die naar sprookjes verwijst. Ze maken het soort dromerige, minimale popsongs die tegenwoordig zo goed in de markt liggen en gebruiken onhippe instrumenten als blokfluit en xylofoon. Misschien wel de origineelste en meest verfrissende plaat van dit jaar.
En check hier ff de hartverwarmende The Earls of Leicester uit:
Onze album-tiplijst van deze twee weken is te beluisteren via Spotify:


dus komen we er nu alsnog mee als albumtip. Want missen mag je deze plaat niet. Welke muziekstijl is het? Tja, soul-folk zou je het kunnen noemen met een vleugje Americana. Soms denk je aan The Band, of John Martyn, en plotseling heeft een song een Afrikaans ritme en denk je m Paul Simon. Duidelijk niet onder een noemer te vangen dus. Maar wat een prachtige songs. Z’n donkere warme stem, die eenvoud, het is een album dat werkelijk bij elke draaibeurt mooier wordt.
plaat ooit horen, terwijl zijn specifieke smaak niet verloren gaat. Moss is een outsider die wel al eerder produceerde onder de namen: Sun God en bijvoorbeeld Africans With Mainframes. Hij houdt van piepjes en bliepjes en van gebrekkige rythmes en ruines van geluidlandschappen. Hij is afkomstig uit Chicago, verruilde ooit zijn TV voor de draaitafels van Deep House pionier Ron Hardy, volgens The Guardian en: “Moss is a direct link back to house mecca the Muzic Box—and through his interest in Afrofuturism, spirituality, and science fiction, his work offers a route forward, too.”
Romeo gaat precies verder waar hij 40 jaar geleden gestopt is met de – uiteraard – door Lee ‘Scratch’ Perry geproduceerde plaat (klassieker): ‘War Ina Babylon’. Als je die plaat niet kent moet je hem zeker even luisteren. Echt de moeite waard. Romeo is al een heel leven lang aan het musiceren vanuit Jamaica en live in de rest van de wereld. Je kent hem zelfs als je hem niet kent, bijvoorbeeld van de door Jay-Z en de Prodigy gesampelde ‘Chase the Devil’. Als iemand de duivel gedurende uw vakantietijd de wereld uit kan jagen is Max Romeo het wel. Snel aanzetten dus! Recensie: J. Stevens.
Cam & China zijn tweelingen uit Inglewood en oudgedienden in de jerkin’ scene van Los Angeles. De twee zijn voortreffelijk op elkaar ingespeeld en dat levert een hele hele brute en opwindende plaat op in de categorie rap. Dit album kwam iets eerder dan deze week, namelijk op 30 juli 2016 al uit en krijgt nu alsnog een plaatsje in onze tiplijst.
naar deze plaat die al in juni 2016 uitkwam. Diverse folk-vormen vloeien samen tot een plaat die een hele eigen signatuur van Kelley heeft. Haar stem is contemplatief en heeft blues maar is ook expressief en vrolijk. Recensie: J. Stevens





Erik Jan (zonder streepje!) Harmens – tevens schrijver van het boek – spreekt tegen een muur over zijn leven. Over hoop en dromen, over angst, falen, jeugdherinneringen, vriendschappen en liefdes. Amoureuze veroveringen, schaamtevolle momenten, hunkeringen en levenstrofeetjes in vroege jeugd en later leven passeren de revue. En drank. Heel veel drank. Een alcoholist die tot de bodem van zijn glaasje (zijn drankverslaving) gaat en ook dieptepunten (de figuurlijke bodem) in zijn leven tegenkomt, (soms) weer opkrabbelt en daarover nietsverhullend schrijft. Hij spreekt weliswaar tegen een muur. Dat weet je. Maar evengoed wordt de muur soms tientallen pagina’s lang niet genoemd. Je vergeet dat hij tegen de muur spreekt. Het lijkt of hij tegen jou spreekt, je zijn leven meebeleefd en dan, net als hij, zelf een beetje dronken bent. Soms lijkt het zelfs alsof je Erik Jan bent en soms ben je voor je gevoel de muur die als een soort stilzwijgende psychoanalyticus de patiënt aanhoort.


