Hij was amper 20 jaar oud, had geen vrienden en nauwelijks contact met collega’s. Op een doordeweekse dag keerde hij de samenleving definitief de rug toe om meer dan een kwart eeuw in afgelegen bossen te leven. Hij stelde niemand op de hoogte: noch zijn familie, noch zijn baas. Hij nam niet de moeite zijn gereedschap nog in te leveren. Dit is, in het kort, het bijzondere verhaal van Christopher Knight, ofwel: de ‘North Pond Hermit’.
Hij cashte zijn laatste looncheque en verliet Boston, Massachusetts (VS). Zijn auto voerde hem via de freeways langs de Amerikaanse Oostkust. Hij at goedkoop fast food en sliep in dito motels totdat hij diep in Florida belandde om vervolgens een meer noordelijke richting in te slaan. De autoradio stond aan. De wereld en het asfalt gleed voorbij: Georgia, Noord- en Zuid-Carolina en toen Virginia. We hebben het over 1986, de tijd dat Ronald Reagan president was. Ook het jaar waarin de spaceshuttle Challenger 73 seconden na de lancering explodeerde, Evert van Benthem de veertiende Elfstedentocht won (voor de tweede keer op rij!), Ireen Wüst en Sven Kramer geboren werden en de Tsjernobylramp zich net had voltrokken. Christopher was op weg richting Maine, waar hij opgroeide. Wellicht ook bevangen door jeugdige overmoed en door de muziek en het rijplezier zelf, borrelde een idee in hem op, dat daarna decennialang zijn lot zou worden.
De Nederlandse schrijvers Jan Wolkers en Godfried Bomans brachten ooit ieder een week helemaal alleen, als kluizenaars, door op Rottumerplaat. Bomans vond de eenzaamheid op het afgelegen eilandje een verschrikkelijke ervaring. Hij zwoer zichzelf: dit nooit meer. Wolkers vond het daarentegen heerlijk. Hij wilde eigenlijk nooit meer anders. Hij ging later zelfs op de Wadden wonen. Knight was iemand die, net als Wolkers, zich heel comfortabel voelde in zijn uppie. Hij vond – anders dan Wolkers – de interactie met anderen tot dan toe meestal vooral erg frustrerend. Het leek zo vaak een botsing, vond hij.
Hij koos één van de schaarse wegen in centraal Maine die hem langs zijn ouderlijk huis voerde. “Misschien wel om nog één keer om te kijken door mijn autoruiten,” stoppen deed hij niet. “En om afscheid te nemen”, zou hij later verklaren. Hij reed op de kaart steeds verder omhoog totdat hij de kust van Moosehead Lake bereikte.

Vanaf dit grootste meer in Maine wordt de Staat pas echt uitgesproken wijds en afgelegen. Toen hij bijna geen benzine meer had, nam hij een zijweggetje. Daarna nam hij zijweggetjes van zijweggetjes, zover de wildernis in, als zijn auto benzine had. Hoewel Christopher was opgevoed met een goed gevoel voor spaarzaamheid, liet hij daar zijn auto met sleutels nog in het contactslot, achter. Doelloos stapte hij het bos in. Steeds verder. Met een rugzak en een tent, maar zonder kompas of kaart. De auto moet daar nog steeds staan, inmiddels deels verzwolgen door het woud.

Waarom houdt iemand op te bestaan in de gewone wereld?
Dat doet een normale twintigjarige jongen toch niet? Knight heeft er vaak over nagedacht maar het blijft een mysterie, volgens hem. Zijn familie moet eronder geleden hebben. Wat was er met hem gebeurd? Men had geen idee. Maar de gedachte dat hij weleens dood kon zijn, kon men niet accepteren.
Er zijn in alle culturen, wereldwijd altijd wel kluizenaars geweest, (lokaal) ook wel in de gedaante van: monniken, heremieten, misantropen, asceten, zwervers, sadhu’s en swami’s. Volgens sommigen zijn er drie hoofdredenen waarom mensen de bevolkte wereld verlaten:
- Religieuze redenen. Denk aan Jezus, Mohammed en Boeddha die alle drie tijd alleen doorbrachten om hun band met een hogere Macht aan te halen en daarna een nieuw geloof aan te kondigen. Ook in het Hindoeïsme dwalen er zo’n vier miljoen Heilige Mannen (sadhu’s), velen op behoorlijke leeftijd, helemaal alleen als heremiet door India. Zij leven van liefdadigheid (voor voedsel, etc.) en hebben alle maritale en familiale banden verbroken.
- Uit walging of verzet. Sommige kluizenaars zeggen de maatschappij vaarwel omdat zij genoeg hebben van wat de wereld is geworden: vol haat, oorlogen, klimaatvernietiging, misdaad of consumentisme. De Tao Te Ching wordt wel gezien als het eerste grote en grootse literaire werk over eenzaamheid / alleen-zijn. Geschreven in de zesde eeuw voor Chr. door een heremiet, genaamd Laozi die daarmee protesteerde tegen de corrupte samenleving. In de Tao Te Ching staat dat we alleen wijsheid kunnen vergaren door terug te trekken in plaats van na te jagen, door niet-doen (‘wuwei’) in plaats van doen.
- Artistieke vrijheid, wetenschappelijke inzichten of dieper zelfbegrip. Denk bij deze categorie aan Henry David Thoreau die naar Walden Pond in Massachusetts trok om “the private sea, the Atlantic and Pacific Ocean of one’s being” te ontdekken. De Engelse historicus Edward Gibbon zei het ooit zo: “Solitude was the school for genius”.

Knight past echter in geen van deze categorieën: hij hangt geen enkele religie aan noch was hij daarin opgeleid of opgevoed, hij protesteerde niet tegen de hedendaagse maatschappij, hij produceerde geen kunst of wijsgerige geschriften, nooit nam hij een foto of schreef hij een zin. Christopher Knight besloot de mensenwereld zonder aanwijsbare reden plotseling de rug toe te keren om een van de langstdurende perioden in eenzaamheid te verblijven die ooit geregistreerd zijn. Knight daarover:
“I can’t explain my actions, I had no plans when I left, I wasn’t thinking of anything. I just did it.”
De twintigjarige wilde gewoon verdwalen en zo anderen en ook zichzelf verliezen. Hij had wat basale campingdingetjes, weinig kleding en een beetje voedsel. “I had what I had and nothing more.”
Verdwalen is trouwens minder makkelijk dan je zou denken. De zon komt op en gaat onder, dan weet je vaak, of je wil of niet, de windrichtingen al. Ook is er je eigen richtingsgevoel en soms wat basale outdoor-vaardigheden. Knight trok naar het zuiden en wist dat ook, niet vanwege een bewuste beslissing maar instinctief, zoals een postduif op thuisvlucht stal ruikt.
“There was no depth or substance to the idea. It was at the instinctual level. It’s instinct among animals to return to home territory, and my home ground, where I was born and raised, was that way.”
Hij passeerde uitgestrekte valleien, ooit door gletsjers gevormd; bergketens en bergtoppen soms kaal als oude mannen; poelen, vennen en moerassen in de zomerse wetlands van Maine. Hij wist al snel niet meer waar hij was. Soms verbleef hij ergens een weekje, gelukkig met zijn nieuwe leefwijze. Maar over één ding was hij minder blij: zijn enorme hongergevoel. Hij had niet genoeg voedsel. Hij wist niet hoe hij voor de kost moest zorgen. Zijn afscheid van de bewoonde wereld was niet gepland maar puur impulsief tot stand gekomen – eigenschappen die weinig 20-jarigen vreemd zijn. Maar zijn doorzettingsvermogen was onvoorstelbaar. Het was alsof hij even wegging om een boswandeling te maken om pas na 27 jaar weer te verschijnen. Hij kon weliswaar prima jagen en vissen maar zonder geweer en hengel had hij niks aan die vaardigheden. Foerageren was zijn plan. Maar er zijn daar geen fruitbomen. Ook bessen waren zeer zeldzaam. Zijn vooruitzichten waren slecht. Hij was gedoemd om te verhongeren.
Toen hij zuidelijker kwam, eenmaal weer op geplaveide wegen, vond hij naast de weg een doodgereden patrijs. Zonder vuur of oven at hij het beest maar rauw op. Hij passeerde huizen met tuinen. Opgevoed met een goed gevormd gevoel van trots en een sterk ethisch besef, kwam diefstal absoluut nicht im frage. Maar ja, als je tien dagen niet gegeten hebt, vallen alle vormen van voorbehoud beetje bij beetje weg. Honger is moeilijk te negeren. Hij at wat mais in deze tuin en wat groente en opgegraven aardappelen in een aantal andere.
In zijn eerste week sliep hij eens in een verlaten hut, een nare ervaring: “The stress of that, the sleepless worry about getting caught, programmed me not to do that again.” Knight sliep vanaf dat moment nooit meer binnen. Nooit meer. Niet één keer, ongeacht regen of kou.

Zo liep hij verder richting het zuiden. Tenslotte belandde hij in een gebied waar hij zich thuis voelde vanwege de temperatuur, de aard van de vegetatie en de verschillende vogelgeluiden. Knight wist niet waar hij was maar achteraf zou blijken dat hij zich hemelsbreed nog geen vijftig kilometer van zijn geboortehuis bevond.
Door vallen en opstaan leerde hij te overleven. Hij beschikte over een goed stel hersens waarmee hij telkens werkbare oplossingen wist te vinden voor ingewikkelde problemen. Zijn vaardigheid om dekzeilen zo te spannen dat ze een goede schuilplaats vormden, de systemen van de opslag van drinkwater en het doorkruisen van het woud zonder ooit sporen achter te laten, werden continu gereviseerd en verbeterd. Hij beschouwde ze nooit als af. Aan zijn systemen knutselen was één van Christopher’s hobby’s.
De maand daarna probeerde hij verschillende schuilplaatsen uit, maar tot tevredenheid leidde dit niet. Toen stuitte hij op een zeer onherbergzaam stuk bos vol rotsblokken dat veel te onbegaanbaar was voor hikers en er was niet eens één wildspoor te vinden. Het beviel hem meteen. Hij ontdekte een rotsformatie met een verborgen ingang die tot een kleine binnenplaats leidde. Daar zou hij bijna drie decennia verblijven.

Maar de honger bleef voortduren. Hij besefte dat het bijna onmogelijk is om helemaal zelfstandig te overleven. Je hebt hulp nodig. Niet voor niets vlochten woestijnvaders of christelijke heremieten in Egypte rieten manden om ze te verkopen. In het oude China waren heremieten tevens in te huren als sjamaan, kruidendokter en handopleggers.

Een ‘hermit-fad‘ in het 18e eeuwse aristocratische Groot-Brittannië en in Duitsland maakte dat de adel heremieten zelfs betaalden om op hun landgoed te vertoeven, als een soort van romantisch-mystiek amusement. In kranten kon je advertenties vinden waarin ‘Ornamental Hermits’ die het niet zo nauw namen (of dienden te nemen) met hun fysieke verzorging en die in grotten op de landgoederen van de betreffende edelman wilden wonen, zeer gezocht waren. Zij zouden, zo dacht men, vriendelijkheid en

wijsheid uitstralen. Het betaalde goed. Honderden heremieten werden ingehuurd, gewoonlijk via zogenaamde zevenjaarcontracten. Sommige kluizenaars moesten dan zelfs acte de présence geven bij etentjes van hun gastheren en daar de gasten begroeten. Daarbij werden ze ‘gestimuleerd’ om zich als een soort van druïdes te kleden. Knight voelde wel aan dat hulp aannemen de bedoeling van zijn hele onderneming zou ondergraven. Hij wilde onvoorwaardelijk alleen zijn. Hij vormde een soort onontdekte stam, met een omvang van slechts één enkele man.

Om aan eten te komen, ontkwam hij er niet aan om dat voortaan te stelen. In de omgeving ontdekte hij een meer waar allerlei vakantiehuisjes aan stonden. Soms tijdelijk bewoond, soms verlaten. Hij stal steeds verschillende kano’s die hij ook weer terugbracht. Daarmee vervoerde hij ’s nachts voedsel dat hij uit de huisjes stal, over water – een hachelijke onderneming – en daarna via haast onbegaanbaar land naar zijn schuilplaats. Hij stal uit maar liefst honderd verschillende huisjes, die hij gedoseerd afwisselde. Daarbij besteedde hij ongekend veel tijd om de huisjes zonder braaksporen of welke sporen dan ook, achter te laten. Heel veel mensen hebben nooit geweten dat hij er proviand stal. Zo stal hij bijvoorbeeld een volle gasfles door deze af te koppelen en de lege die ernaast stond weer zorgvuldig aan te sluiten. Als eigenaar denk je dan niet snel aan diefstal. Ook sloot hij alle huisjes na zijn inbraak zeer zorgvuldig af zodat dieven er niet binnen konden komen…
Elke keer dat honger hem tot het dievenpad noopte, waarover hij steevast enorme wroeging voelde, leverde het hem boodschappen voor ongeveer twee weken op. Elke dag in zijn veilige schuilplaats ervoer hij een diep, vredig gevoel. Hij bracht zo jaren door. Knight verklaarde later dat hij niet precies kon beschrijven hoe het doorbrengen van zo’n enorme tijd in je eentje voelt. Het is onmogelijk om stilte te verwoorden:
It’s complicated, solitude bestows an increase in something valuable. I can’t dismiss that idea. Solitude increased my perception. But here’s the tricky thing: when I applied my increased perception to myself, I lost my identity. There was no audience, no one to perform for. There was no need to define myself. I became irrelevant.”
De scheidslijn tussen hemzelf en het bos, zei Knight, leek op te lossen. “My desires dropped away. I didn’t long for anything. I didn’t even have a name. To put it romantically, I was completely free.”
Vrijwel iedereen die getracht heeft dit soort diepe eenzaamheid te beschrijven, zei er iets vergelijkbaars over. “I am nothing; I see all,” schreef Ralph Waldo Emerson. Lord Byron noemde het “The feeling infinite”. En de Amerikaanse mysticus Thomas Merton zei het ooit zo: “The true solitary does not seek himself, but loses himself”.
Voor mensen die er niet vrijwillig voor kiezen om alleen te zijn, zoals gevangenen en gegijzelden, is het verlies van de eigen identiteit als sociaal construct, angstaanjagend en een ervaring van ‘gek worden’. Psychologen noemen het wel ‘ontologische onzekerheid’: grip verliezen op wie je bent. Je hele mens-zijn met al het menselijke op het spel zetten, is niet niks. Knight deed het en genoot. Hij had trouwens niet eens spiegel in zijn kamp. Hij verveelde zich nooit. “I was never lonely”. Echt nooit. Hij wist niet eens, zei hij eens, of hij het concept ‘verveling’ überhaupt wel begreep. Hij was tevreden met ‘het genoeg hebben aan zichzelf’. Op de afwezigheid van anderen richtte hij zijn aandacht niet. “If you like solitude,” zei hij, “you are never alone”.

Na 27 jaar van complete eenzaamheid, werd hij uiteindelijk gearresteerd toen hij weer eens voedsel stal in een zomerkamp aan het meer. Hij werd in de lokale gevangenis gezet, beschuldigd van inbraak en diefstal. Zijn arrestatie veroorzaakte een enorme opwinding: zowel brieven als bezoekers arriveerden in grote getale en maar liefst vijfhonderd journalisten verzochten om een interview. Een documentairemakersteam meldde zich en een voor hem onbekende vrouw vroeg hem ten huwelijk. Desgevraagd liet hij weten wat het belangrijkste is om zó lang solitair te overleven in de bossen: “Zorg dat je genoeg slaap krijgt”. Wijsheid van een ware heremiet, die ongetwijfeld voor ons allen van nut is!
Bronnen:
- MacQuarrie, Brian (May 26, 2013). “North Pond Hermit discovered, arrested after 27 years in Maine woods – The Boston Globe”. Boston Globe. Geprint op 13 mei 2016.
- Finkel, Michael (September 2014). “The Strange & Curious Tale of the Last True Hermit”. GQ.
- Jonsson, Patrik. “Eric Frein sightings: How ‘wilderness ninja’ has outfoxed 1,000 cops”. Christian Science Monitor. Geprint op 28 februari 2015.
- Adams, Betty. “‘North Pond Hermit’ Knight completes specialty court program”. centralmaine.com. Kennebec Journal Morning Sentinel. Geprint op 8 juli 2015.
- Inside Maine Hermits Lair – The Guardian
- Citaten: Courtesy The Guardian – Stranger in the woods Christopher Knight – Hermit Maine
- 27 years a hermit – Reddit.com
- Vrije bewerking en vertaling van: Finkel, Michael (2017). The Stranger in the Woods The Extraordinary Story of the Last True Hermit. Knopf Doubleday Publishing Group. blz. 297. ISBN 9781101875681.
- Het beeld uit 1795 van een ‘ornamentale heremiet’ in Flottbeck bij Hamburg, Duitsland werd gemaakt door: Johann Baptist Theobald Schmitt. Bron: Idea – Jahrbuch der Hamburger Kunsthalle. Prestel, München 1991, ISSN 0724-133-X, Bd. 10 (1991), Blz. 197


Denk bij de muziek van Tamikrest aan de hypnotiserende woestijnbluestraditie van bijvoorbeeld Tinariwen en Toumast. Dit keer wordt dit wel aangevuld met andere muzieksoorten zoals, verrassend, flamenco. Dit is hun vierde album.
De band bestaat al sinds 1993 maar helaas is de band uit Texas nauwelijks bekend bij het grote publiek. Hot Thoughts is het negende studioalbum van de Amerikanen. Een hoogtepuntje in een lange reeks. Zanger en gitarist Britt Daniel naaide het genie weer in deze onmiskenbare Spoon-plaat die, misschien vanwege wat wijzigingen in de personele bezetting van de band, dit keer toch ook anders is: ritmisch, vol soul, diep en relaxt is. Fijne plaat!
Valerie June bracht eerder drie albums uit in eigen beheer. Haar doorbrak kwam toen Dan Auerbach (The Black Keys) het album Pushin’ Against a Stone co-produceerde in 2013. Nu is ze gelukkig weer terug na vier jaar afwezigheid. Wie is Valerie June? Een singer/songwriter uit Tennessee met opvallende haardos. Ze speelt blues, gospel en folk in een mix die ze zelf ‘organic moonshine roots music’ noemt: dromerige liedjes met virtuoze gitaar-, banjo en ukulelepartijen, vergezeld van haar markante stemgeluid. Ze is op 30 april live te zien in BIRD, Rotterdam.
Als je Fink nóg niet kent dan moeten we ons misschien afvragen of je wel echt van muziek houdt. Maar oké dan. Fin Greenall, beter bekend als Fink, is een in Bristol geboren Brit die op 23-jarige leeftijd een techno-album uitbracht. Hij begon zijn carrière als (dance)producer, maar werd vooral bekend in een totaal ander genre… namelijk als soulvolle singer-songwriter (ofwel: man met gitaar) en heeft inmiddels zeven prachtige albums gemaakt. Op 27 april 2017 speelt Fink in Rotown, Rotterdam.
Waar ken je Stef Kamil Carlens ook alweer van? Van Deus, Zita Swoon en van zijn prachtige stemgeluid natuurlijk. We horen een album met wat vleugjes country, samenzang en gitaarsolo’s die op de acht tracks hele verschillende sferen weten op te roepen. 20 april 2017 treedt hij op in De Singer in Rijkevorsel.
Waar ken je Lucas Hamming ook alweer van? Waarschijnlijk van De Wereld Draait Door (DWDD) waar hij de huisband voor vormde of misschien uit het clubcircuit waar hij behoorlijk actief was. Dit is zijn tweede album, na zijn geweldige debuut. Denk rock & blues. Muzikanten die seks, drugs en rock ’n roll aantrekkelijk vinden maar daar ook de risico’s van onderkennen en daar op dit album ook taal aan geven. Energieke plaat.
Het is alweer zes jaar geleiden dat de Nederlandse punkrockband Heideroosjes met Tot Hier stopten. Het bloed van frontman Marco Roelofs kruipt waar het niet gaan kan. Ziedaar zijn initiatief: Stavast, een Nederlandstalige rockband. Rock wel te verstaan. Rustiger dan punk dus. Melodieën, gitaarsolo’s, koortjes en meer rust. Marco’s maatschappelijk engagement bleef even wel. Luister naar het actuele thema op Open Zee over een vader en zoon die naar Europa vluchten. We zijn gelukkig deze lekkere Nederlandstalige gitaarband rijker.
Dan nu de uitsmijter van deze muziektiplijst. Wie had gedacht dat Jarvis Cocker (zanger van Pulp) en pianist Chilly Gonzales zouden gaan samenwerken? Cocker is vrij bekend en voor degenen die hem nog niet kennen is Gonzales (check zijn andere platen! Aanrader!) een uit Canada afkomstige maar in Duitsland woonachtige pianist, producer en songwriter die ook een aantal elektronische albums maakte. Geinspireerd door de vele beroemde artiesten, fotografen, schrijvers en vooral mensen uit de filmwereld die tijdelijk in kamer 29 van het beroemde en historische Chateau Marmont hotel, gelegen op Sunset Boulevard, West Hollywood woonden. In het bijzonder de verhalen van filmhistoricus David Thompson vormden de directe inspiratie. De hotel- en muzieksfeer is haast magisch of spookachtig. We horen minimale begeleiding door Gonzales op piano, lijnen van fluitist Nathalie Hauptman, begeleiding door Franse hoornspeler Hasko Kroeger en zang van zangeres Maud Techa.
Laten we wel wezen: elke plaat uit deze langlopende Ethiopiques-serie is ont-zet-tend goed. Sommige albums ervan hebben zelfs een aparte kamer in mijn ziel – zóóó fijn. Niet voor niks is het Parijse label Heavenly Sweetness trots op dit album, hun 30ste in de reeks. Aan de orde is een samenwerking die generaties verbindt: de legendarische Ethiopische zanger en toetsenist Girma Beyene, die bekend is van zijn jazzwerk in de late Jaren 60 en de contemporaine band uit de Franse hoofdstad: Akalé Wubé. Ook die band brengt muziek die zwaar geïnspireerd is op de Ethiopische muziek uit de Jaren ’60 en ’70. Toch is het Ethiopiques gehalte op deze plaat helaas vrij laag. Ik mis het ritme van de kameel en de Ethiojazz en ontwaar vooral het ritme van een Amerikaans vette Cadillac met weliswaar een Ethopiër achter het stuur maar dat is toch niet hetzelfde. Op grote delen van dit album klinken Beyene en zeker Akalé Wubé vooral Dap-Kingsachtig. Er wordt Ethiopisch gezongen op Westerse soul, maar het Ethiopische pentatonische qenet systeem wordt door mij node gemist. Een versie van en eerbetoon aan ‘Musicawi Silt’, oorspronkelijk van het wereldwijd bekendste Ethiopische album ooit ‘Tche Belew’ uit de Zestiger Jaren van Hailu Mergia & The Walias met Mulatu Estatke, etc. ontbreekt echter niet [
De uit Nieuw Zeeland afkomstige singer-songwriter Nadia Reid maakte ruim een jaar geleden diepe indruk met haar debuut Listen To Formation, Look For The Signs. Haar tweede plaat is nog veel beter. Op Preservation overtuigt Nadia Reid met prachtige, voornamelijk ingetogen folksongs.
Ester Naomi Perquin – Meervoudig afwezig
Misschien verlang je er na het zien van deze film naar om deze specifieke millenia-oude kwaliteitsdrank zelf te proeven [online bestellen kan hier: 



Na het sterke debuut van deze band uit Tilburg, verliet Jean-Paul Lilipaly de band. Gezien zijn kwaliteiten had dit het einde van de band kunnen betekenen. In plaats daarvan nemen de vijf bandleden die achterbleven de zangpartijen nu om de beurt voor hun rekening. En dat klinkt lekker. Denk gitaarmuziek, Britse psychedelica uit de Sixties en hele fijne arrangementen. Dave Von Raven (The Kik) en Marcel Fakkers (The Madd) produceerden de plaat.
Supergroepen. Een titel die maar al te vaak wordt gegeven aan een aantal beroemdheden die samen gaan werken in de hoop dat de som van de talenten de genialiteit van de individuele sterren overstijgt en tot een meesterwerk leidt. Op papier werken die combinaties vaak beter dan in de werkelijkheid. Vaak een kwesties van ego’s. Er zijn uiteraard uitzonderingen, waarbij The Traveling Wilbury’s een goed voorbeeld was. Een spontaan idee leidde tot een ongedwongen samenzijn en prachtige muziek. De verwachtingen waren dan ook hoog gespannen toen Boudewijn de Groot, Hennie Vrienten en George Kooijmans na een gezamenlijk optreden besloten samen de samenwerking voort te zetten. Helemaal vreemd was de samenwerking ook niet: Boudewijn de Groot werkte al eerder met beide heren afzonderlijk samen. Het leidde tot een succesvolle tournee en een semi-live-in-de-studio opgenomen album onder de naam Vreemde Kostgangers. Bij de door George Kooijmans openingstrack Ik Ben Op Weg Naar Jou worden alle twijfels weggenomen. Een catchy melodie en gitaarriff. En ook een Nederlands zingende Kooijmans blijkt prima te voegen. Het is ook een verademing om Boudewijn De Groot weer eens lekker funky en uptempo te horen in De Roeiboot En Ik. De catchy koortjes van Kooijmans en Vrienten maken het nummer af. De zalvende nummers, Hoop en met name Vergeet de Pijn worden gezongen door Vrienten. De ontroerende tekst van laatstgenoemde song schreef Vrienten voor zijn echtgenote. Andere hoogtepunten zijn de single Touwtje Uit De Deur, prachtig Haags gezongen door Kooijmans en het eveneens door hem gezongen Nat en Roxy, dat evengoed in 1964 gemaakt had kunnen worden. Boudewijn De Groot schittert in ballads als Paulus Potterlaan en de grappige scheidingssong Scheiding met een aanstekelijk reaggaeachtig ritme. Hier spelen drie mannen die afzonderlijk al een enorm muzikaal erfgoed hebben opgebouwd. Vreemde Kostgangers bewijst dat puur speelplezier tot mooie dingen kan leiden. [Recensie: R. Buiters]
In Noord-Mali duurt de oorlog tussen regeringsleger en de Toeareg-opstandelingen voort. Daardoor kan de Malinees-Berberse band Tinariwen dat in het Tamasheq, de taal van de Toeareg, ‘Woestijnen’ betekent (De naam is een afkorting van de oorspronkelijke naam Taghreft Tinariwen: ontwikkeling van de woestijnen), net als de vorige keer, niet in eigen land opgenomen worden. De nieuwe plaat Elwan werd opgenomen in het in muzikaal opzicht al zeker van U2 beroemd geworden Joshua Tree, Californië. Maar men nam ook dichter bij huis op in M’Hamid El Ghizlane in Zuid-Marokko in een bedoeïenentent.
Nederlandse live-act en DJ-duo Artefakt brengt hun atmosferische debuutalbum uit op het roemruchte Nederlandse label Delsin. Achter Artefakt gaan Robin Koek en Nick Lapien schuil. Het duo kwam eerder met tracks op Field Records en vervolgens Prologue, Delsin en Konstrukt. Nick heeft eerder solowerk gemaakt onder de naam Lapien via Fred P’s Soul People Music, Finale Sessions, Rekids en DVS1’s Mistress Recordings, en Koek’s intrigerende sound design was eerder te horen in Toronto, Viseu, New York, Ohio, Berlin en natuurlijk Amsterdam.
Voor een band die garage met psychedelica en surf mixt is er altijd tijd. Het Rotterdams Iguana Death Cult is een nieuwe Nederlandse band, die je terug in de tijd voert. Maar met de energie van punk en ook helemaal van nu. Ze worden vergeleken met Ty Segall en Thee Oh Sees, Amerikaanse bands die een vergelijkbare soort van muziek maken. Toch is dit enthousiasme aanstekelijk, op de hoogste versnelling worden de pakkende nummers erdoorheen gejaagd. In Amerika houden ze ook erg van dit rauwe geweld en terecht. Goed tegen alledaagse sleur en frustraties. De vier leden hebben al wat goed bekeken optredens achter de rug, maar nu is er het rauwe, energieke debuut en dit zou bij optredens spannend kunnen gaan worden, als ze de hier getoonde rauwe energie ook op het podium kunnen laten zien. Fraai analoog door Chris van Velde intens en spontaan opgenomen album, voor liefhebbers. [Recensie: E. Mundt]
Dan is het nu toch echt even tijd om je muzikale grenzen wat op te rekken voor zover dat overigens met bovenstaande platen niet al gebeurd is. Black String is een hedendaagse Zuid-Koreaanse (!) band die weliswaar traditionele instrumenten gebruikt maar op een volstrekt nieuwe manier. De band debuteert met dit album op het prestigieuze Duitse Jazzlabel ACT. Voor zover dat je belangstelling nog niet wekt, zal het heilige vuur van de improvisatie dat bij de bandleden hevig brand, dat zeker wél doen. Even over de naam van de groep: dit betreft een letterlijke vertaling van ‘Geomungo‘. Waarschijnlijk zegt je dat nog niets, maar het betreft hier de Koreaanse sitar, jawel, die meesterlijk bespeeld wordt door bandleidster Yoon Jeong Heo. Het kwartet bestaat verder uit de daegeum (Koreaanse fluit), electrische gitaar en janggu (Koreaanse drum). In opwindende dialogen en solo’s zijn de bandleden afwisselend in solo’s en samenspel te horen. Zet je masker op en doe je dans. [Recensie: J. Stevens | Fernweh Magazine]